donderdag 8 januari 2015

HET VOCHTIGE PARADIJS (deel 2)

Nog steeds 5 januari

Hoe dichter we Puerto Viejo naderen hoe onheilspellender de wolken eruit zien. We worden midden in het super gezellig ogende Puerto Viejo uit de bus gegooid. Puerto Viejo is een typisch surf-achtig stranddorpje waar het gros van de vrouwen in bikini en de mannen met ontbloot bovenlijf rondslenteren. Tot mijn grote geluk zie ik overal kleurrijke houten bordjes met ‘smoothies’, ‘gluten free’ en jahaaa ‘quinoa’. Jeeminee, dit belooft een heel andere ervaring te gaan worden. Nouja, ik zie tegelijkertijd ook alleen maar jonge bakvisjes en  jongens met amper okselhaar maar wel met -tig tatoeages en 't eeuwige, geeuw, baseball petje. Sterker nog, ik zie niemand zonder tattoo. Oooh jongens en meisjes, wat gaan jullie over een paar jaar balen van al die vierkante meters aan inkt.
We pinnen nog snel even geld; altijd weer een dingetje. In vier sessies en een rij van 10 super geagiteerde toeristen achter ons, hebben we Colonnes en US dollars. Slimme zet van de bank om mensen maar een minimaal bedragje per keer te laten pinnen. Zo pak je bij iedere transactie toch weer even 2,50 euro transactie-kosten mee (grrr). We vinden vrij snel een taxi en bellen Janet, de huiseigenaar, dat we eraan komen. Op dat moment breekt het noodweer los, ik kan me amper meer verstaanbaar maken of horen waar we uit de taxi moeten stappen. Ik weet dat het in de tropen flink kan spoken, maar ik ben toch nog behoorlijk onder de indruk hoeveel regen er in luttele secondes kan vallen. Na 10 minuten staan we stil en wordt het portier opengezwaaid. Een vrolijke dame met stevige heupen kijkt ons nieuwsgierig aan. Ze stapt resoluut in en legt met stevig Amerikaans Spaanse tong de chauffeur uit waar haar huis ligt. Gelukkig heeft ze een paar paraplu’s bij zich want het regent zo hard dat onze rugzak het nooit zou overleven. Volgens mij is het schitterend waar we zijn beland, maar ik kan het niet goed inschatten. Het is zowat pikkedonker. Janet leidt ons naar ons huis voor de komende 5 dagen. 

Het is schitterend, precies zoals we zagen op de foto’s van Air BnB. Een open air huis met alleen de slaapkamer afgesloten. De hele ruimte ademt authenticiteit, warmte en liefde uit. In de woonkamer hangt een houten boot. De badkamer is helemaal met mozaïek steentjes betegeld. De buitendouche ook. Hoe super heerlijk en bijzonder om buiten in een regenwoud (warm) te douchen. Janet en Nick zijn een 50+ stel uit Oregon. Zes jaar geleden werden ze verliefd op deze plek en besloten er te gaan wonen, een huis te bouwen en een business op te zetten. Ze hebben in het dorpje een behoorlijk imposante bar en hebben een boot waar je op kan vissen. 
Op de bovenverdieping van het huis verblijven zij en de begane grond verhuren ze. De tuin om het huis is adembenemend mooi. Janet heeft er heel veel tijd en liefde in gestoken, zoveel is zeker. We zien al meteen tientallen apen aan lianen slingeren en horen allerlei exotisch geluiden. Spannend idee dat alles open is. Wat ik denk, spreekt Klaas hardop uit: ‘Janet, how many animal encouters in the house can we expect?’. Gelukkig blijven de apen gewoon in de bomen en hoeven we voor niets te vrezen. Zelfs geen muggen. 
Als Janet en Nick zicht terugtrekken, ploffen de baas en ik in een riante edoch zeer klamme bank. Wow, waar zijn we nou weer beland. Wat een prachtig paradijs….maar tja…het weer. Ik heb alle weerberichten gevolgd en het ziet er niet best uit voor de komende dagen. Ook al bezweert Klaas dat in de tropen een buitje heel normaal is -en het in no time opklaart-, ik geloof er geen snars van. Ik heb een keer op Bali gezeten met zeven dagen non stop stromende regen; ik ken mijn pappenheimers. Janet gaf zojuist ook schoorvoetend toe dat het weer sinds 2006 niet zo slecht is geweest. Hun visboot ligt al zes weken (!) on dry land omdat de golven momenteel levensgevaarlijk zijn. Je kunt er zelfs niet (meer) in zwemmen, ook niet boarden wat hier ‘the thing to do is’. Keep in mind dat dit stukje oceaan volgens de boekjes kalm, glad en azuurblauw behoort zijn. Van wat ik zag uit de taxi is daar nu niets meer van over. Het is een grote nietsontziende grijze kolkende massa zee. 
Voor de meeste zal dit niet raar in de oren klinken, maar ik kan hier dus niet mee omgaan. Reis je de halve wereld over om vervolgens in de regen te zitten. Ik kan daar helemaal niets mee. Ik wil er ook helemaal niets mee. Hoe doe je dat, er iets van maken? Alsof ik even het knopje omzet van ‘er niets van maken’ naar ‘er iets van maken’. 
Tja, we pakken onze backpack uit en zorgen dat onze kleding goed geventileerd blijft. Er hangen in het hele huis plafond ventilatoren en omdat we geen muren hebben, waait het lekker door. Ik moet nog wel even nestelen. Een Paijens trekje. Met nestelen, bedoel ik even een beetje poetsen en wat spulletjes verplaatsen. Klaas heeft het knopje wel gevonden en ligt lekker op de bank –met zijn e-reader op ons gestolen (oh oh foei) fleecedekentjes uit t vliegtuig- te relaxen. De baas heeft in deze omgeving wel wat weg van de Prins de Lignac.
Janet loopt binnen en vraagt of we met haar een toertje 'leer je omgeving kennen' willen doen. Ja tuurlijk leuk! We stappen in haar brakke golfkarretje en tuffen de doorweekte straat op. Bij de eerste vrachtwagen stop ze abrupt. Er moeten fruit en groenten gekocht worden en dat doe je hier direct van de vrachtwagen. Een kwartier later zitten we beiden met een grote tas tussen de benen weer in het wagentje. Alles wat we zien is groen, zo vol natuur maar zeiknat. In de plaatselijke supermarkt blijkt dat Janet iedereen kent. Met een vrolijkheid die Amerikanen niet vreemd is, maar oooh zoo Amerikaans is, lees: nietszeggend, gaat ze gesprekje na gesprekje aan. Gezellig is het wel. Ondertussen heb ik allang gezien dat de prijzen er hier niet om liegen. Zakje chips van Lace (zo’n kleintje hè, 2 euro). Flesje huiswijn, heel goed zoeken, 8 euro. Pak koffie 4, en een bekertje yoghurt kosten 3 euro. Absurd, wat een geld. Gelukkig hebben we heel wat wijn meegenomen uit San Jose waar de prijzen aanzienlijk lager liggen. 

Thuis trekken we de eerste fles open en als die op is, gaan we in de stromende regen op zoek naar een restaurantje. We eindigen in het super cosy ‘Jungle Love’ en ik bedenk me dat ik daar wel wat van kan gebruiken, en de baas ook - die ik vreselijk te weinig aandacht en liefde heb gegeven de afgelopen tijd-. Het menu ziet er te lekker uit en de prijzen zijn alleszins redelijk. We drinken een heerlijke fles rode Malbec en eten zelfgemaakt brood met de allerlekkerste guacamole ever. Verder kip met mango en bruine rijst. Heel smakelijk. Langzaam ontspan ik wat. Ondertussen klettert de regen met bakken uit de hemel. Waar blijft al dat water? Ik blijf het me afvragen, totdat ik hier vertrek. Thuis duiken we weer op tijd ons mandje in, maar niet voordat we onder de buitendouche hebben gestaan. Ik ben klam en koud, de douche is zalig warm en wat is het spannend en leuk om buiten in je blote kont naar de jungle te luisteren. We slapen best lekker (al is het even wennen; klam beddengoed met een licht muffe touch). Om 7 uur worden we uit ons bed getetterd en geblaft. Mmmmm…

6 januari 

Janet en Nick zijn tijdens het bouwen vergeten de laag –houten vloer- tussen hun huis en het onderhuis te isoleren met als gevolg dat alles wat zij boven doen in honderdvoud qua decibellen naar beneden klettert. Het is een oorverdovende herrie. Klaas en ik kijken elkaar aan. Ik zoals altijd met grote ontredderde ogen, Klaas koelbloedig en relax, in het ‘komt wel goed standje’. Oef, dit is even heel erg balen. We realiseren ons dat ze niets geks doen, gewoon opstaan en ontbijt maken. Echter Klaas ziet met zijn architectenoog dat de boel zodanig slecht is geconstrueerd dat minimale bewegingen toch voor onheilspellend veel geluid zorgen en dat er tegelijkertijd geen zak aan te doen is. 
Ik gooi maar meteen de knuppel in het hoenderhok, gaan we hier dan wel blijven? We hebben de volledige 4 nachten al betaald, dus geld terugvragen, lijkt ons lastig. Daarnaast zijn we nog steeds bekaf (samen) en opgefokt (ik). We besluiten na een goed gesprek, met heel wat rijtjes voors en tegens, dat we meegaan in hun ritme, dus vroeger naar bed en er eerder eruit. 

Ondertussen heeft Klaas het ontbijt klaar. Een lekker grote bak geschild fruit (woep woep, mango, ananas, papaja, sinaasappels en watermeloen), koffie, yoghurt en onze uit NL meegekomen zak all natural zaden en noten. We zitten aan tafel en zien tussen de pijpenstelen door de apen vrolijk in de bomen zwaaien. Leuk! Janet roept van upstairs dat we moeten komen om een mooie vogel te bekijken. Boven, in hun huis, kijk ik mijn ogen uit. Wat cute! Een prachtige glanzend houten vloer, een gigantische open keuken met bar en allemaal heerlijke zitplaatsen met uitkijk op de spectaculaire tuin. Wow, good life!
Na een heel lang ontbijt, want het blijft maar regenen, klaart het rond het middaguur een piepklein beetje op. We rennen naar ’t macrobiotisch caféetje om de hoek om twee fietsen te huren. Iedereen rijdt hier op van die beach cruisers. We krijgen deze dag cadeau en -on top of that- ook nog eens twee splinternieuwe fietsen mee. Onze eerste cruise leidt naar Puerta Viejo, daar gaan we maar eens lekker lunchen. Vanuit ons huis fietsen, euhhh cruisen, we zeven kilometer over een smalle weg met alleen maar gaten in het asfalt. Precies zoals het hoort in dit soort landen. We zien heel veel fietsers met onder hun arm een surfboard. Iedereen zit hier zonder kleding, alleen shorts of bikini, op z’n stalen ros. Bij de dames ziet het er belachelijk uit. Twee billen waar de cellulitis breed hangend over het cruiserzadel beeldig tot uiting komt. Stiekem denk ik dat het wel heel bevrijdend fietsen is en dat ik het morgen ook ga doen. 
Onderweg spotten we een gezellig Mexicaans café/restaurant. De zon is inmiddels lekker aan het doorbreken en we krijgen meteen zin in taco’s, de deal of the day. We zitten koud aan het bier wanneer Janet en Nick ook binnen lopen. Ze verbazen zich enorm dat wij al zo snel hebben uitgevogeld dat Taco Tuesday hier helemaal the place to be is.  
Na de lunch, het miezert inmiddels wel een beetje, fietsen we door. Het dorpje is echt een typische toeristen hub. Alles staat in het teken van eten, drinken en slapen (voor de jonge toerist). Het valt me meteen op dat de meeste mensen hier jonge Amerikanen zijn. Beetje type springbreakers. Ook al hangt hier een prima vibe, ik krijg meteen het: ‘Been there, Seen it, Done that’ gevoel. Toen ik in mijn twenties was, vond ik dit heel erg leuk, nu hoeft het echt niet meer. 

Als ik dit zo overpeins zie ik aan de andere kant van de weg een bekende kop,…nee dit kan niet waar zijn…verdomd toch wel, het is Giel (3FM). Ik gil ‘GIELLLLLL’…om gelijk te denken, jezus wat bezielt mij, laat die jongen lekker met rust. Per slot van rekening kennen we elkaar amper. Ik roep meteen ‘SORRY’. Gelukkig rijdt hij door. ’s Avonds twitter ik hem mijn excuses. Ik krijg per kerende post een leuke tweet terug.

De rest van de dag lummelen we een beetje in het huis, nou ja, ik zit achter de computer non stop de rest van de reis te plannen en Klaas ligt lekker te lezen. Het meeslepende toeristische uitpluiswerk is niet zo aan hem besteed, maar ik vind het juist heel leuk. Ik merk wel dat ik onzeker aan het worden ben wat betreft de next steps die hier gezet moeten gaan worden. Ik vertrouw het weer niet meer en de informatie in de reisgidsen en de online fora op o.a. Tripadvisor. ook niet. Ook vind ik het steeds lastiger om te bepalen wat ik nou echt wil. 
’s Avonds eten we in een heel gezellig slow cooking restaurantje. Heerlijk eten, lekkere wijn. We betalen gemiddeld voor een lunch of diner -met alleen een hoofdgerecht- ongeveer 30 a 40 euro voor ons beiden. Niet heel goedkoop en vergeleken met Azië is het zelfs schreeuwend duur. Wel is alles heel netjes verzorgd, bijzonder smakelijk en zijn de porties ruim. Halverwege ons diner begint het weer oorverdovend hard te regenen en het houdt niet meer op tot de volgende morgen. We komen drijfnat thuis. Ik duik meteen onder de warme douche en ga vroeg slapen. Het weer is stom.


7 januari

Het is 05:55 en ik heb het gevoel dat het plafond naar beneden komt. Shit! Wat een herrie komt er van onze bovenburen. Ze hebben een aantal dagen twee gasten te logeren en die blijken nog vroeger op te staan dan Nick & Janet. Dit vinden we echt te ver gaan. We zitten beiden rechtop in ons bed, zelfs met oordoppen in, kunnen we de slaap niet meer te pakken krijgen. We spreken af dit wel met ze gaan bespreken. Later op de dag doen we dat en ze nemen het hartstikke goed op. Balen zelf als een stekker van het lawaai dat ze veroorzaken en gaan er alles aan doen om het te minimaliseren.

We ontbijten maar vroeg en bespreken de plannen voor de komende tijd. Als ik mijn computer opensla, zie ik dat mijn nicht Ingrid (die ons al voorzag van geweldige Filipijnen duik tips) mij deze keer allerlei tips over CR heeft gemaild. Een zakenrelatie van haar is hier onlangs op vakantie geweest en wil ons verder behoeden van foute beslissingen, lees: teleurstellingen. Klaas en ik ontvangen prachtige tips. Hier kunnen we serieus mee aan de slag. Dank René en natuurlijk nicht Ingrid.

We gaan hoe dan ook, ook al is het nog steeds aan de Carribische kant, wel naar Tortuguera. Dit is een dorpje dat alleen per boot is te bereiken. Het is wereldberoemd geworden door de schildpadden die er een gedeelte van het jaar hun eieren leggen. Op dit moment zijn ze op zee, desalniettemin bestaat Tortuguera vooral uit geweldig mooie en rauwe regenwoudnatuur, dus een must go. De weersvoorspellingen zien er daar vooralsnog een stuk beter uit, dus we moeten het er maar op wagen. Het is vanuit Puerto Viejo echter geen sinecure om dit dorpje, helemaal aan de andere kant van de noordkust te bereiken. Natuurlijk, als je dik dollars neertelt, is alles makkelijk te regelen, maar ik heb geen zin in die georganiseerde reisjes. Daarnaast houd ik wel van een beetje avontuur en wil dus proberen om deze reis meer ‘off the beaten path’ te blijven. Ik vogel uit dat we met de lokale bus een heel eind kunnen komen, dan nog een stukje taxi en dan met een lokale ondernemer vier uur varen naar Tortuguera. Deze laatste trip schijnt uit de categorie veel kleurrijke vogeltjes, een krokodilletje hier en daar en vooral veel regenwoud geweld te komen. Hotels in het dorpje zijn van de categorie fucking over the top high end of budget. Ik schrijf een aantal van deze laatste soort aan en vraag standaard twee dingen: hoe zit het met de privacy en hebben jullie aparte bedden?
Dat laatste klink hartstikke a-romantisch, maar na al onze reizen weten we nu zo ongeveer wel dat in veel landen de bedden niet breder dan 1.40 meter zijn. Als we elkaar niet de tent uit willen vechten, is dit de enige optie. Misschien moet ik nu gewoon eerlijk zijn en gewoon zeggen dat we ontzettende zeikerds zijn als het op ons slaapcomfort aankomt. Zo, weet iedereen dat ook weer. 
De tips van René zorgen ervoor dat we stof tot nadenken hebben vandaag. Vanavond willen we het e.e.a. gaan vastleggen, nu eerst even relax!

Het weer vandaag is best okay. In totaal hebben we maar liefst een uurtje of twee zon. Hééé zie je, ik probeer het wel, ‘n beetje positief denken. We besluiten te lunchen in Puerto Viejo en erna naar het strand te gaan. En zo geschiedde. We lunchen heerlijk met een platgeslagen kipfileetje afgetopt met broodkruim en mozzarella, drinken bier en duiken erna in die krankzinnig geworden oceaan. 
Het blijkt best een gevecht te zijn om vanuit het water, met de bikini weer op de juiste plek, het strand te bereiken. De golven zijn echt heftig en de stroming ook. Het strand is nat en door het idiote weer met 80% gekrompen. Het is zeker niet je reinste bounty ervaring (to put it mildly). Maar goed, na een hele week Costa Rica liggen we dan wel eindelijk in de zon. Al zeg ik het zelf; best een hele prestatie. Erna trek ik de stoute schoenen aan en ga in mijn bikini, jahaaaaa heus wel, op de fiets. Ik voel me belachelijk en verre van bevrijd. Ben blij als ik thuis ben. 

We zijn nog niet koud thuis en het onheil barst weer los. We lopen met onze paraplu’s en de laptop in een plastic tas voor ons diner weer naar Jungle Love (een mens is uiteindelijk toch een gewoontedier) en bestellen witte wijn, een enorm stuk verse tonijn met wasabi en een forse zeebaars: ik zeg La Vida Pura ten top. Als we naar huis lopen, kan ik het niet laten. Ik trek al mijn kleren uit en loop in mijn ondergoed in de dampende regen te stampen door de plassen. Hè lekker, daar knapt een mens van op. 

8 januari

De volgende ochtend worden we ‘laat’ wakker. Het is 8 uur. Onze huisbazen en hun logees hebben vanochtend dus hun stinkende best gedaan op het oer Costa Ricaanse ‘teenlopen’. Het wordt gewaardeerd, al moet ik eerlijkheidshalve wel zeggen dat ik zelf nooit mijn huis zou durven verhuren zonder isolatie (al is het nog zo intens mooi, in de allermooiste jungle ever, met oog voor de grootste details. Maar dat ben ik). 

Vandaag wordt een stomme dag. Het regent aan een stuk door. De zon schijnt niet een keer vandaag. We besluiten eerst geld te gaan pinnen in Puerto V. (god wat gaat het hard met de dollars) en erna door te fietsen naar Manzanillo. 
Halverwege de weg naar Puerto V. zien we bij de bakker dat het wereldnieuws ook is doorgedrongen in Costa Rica. Ik word er stil van. We volgen het nieuws op de voet en worden er beiden doodongelukkig van. 

Ons huis woont precies tussen Puerto V. en Manzanillo in. Het wordt een heerlijke fietstocht van 30 km. We doen onderweg een spelletje, ‘wie het grootste beest spot’. Ik blijk uiteindelijk niet alleen eindbaas te zijn in bowlen, maar ook in het ‘on the spot wild life scoren’. OMG wat heb ik gewonnen met die 2 meter lange leguaan...!!!!


Manzanillo blijkt een verrassing te zijn. Het is hier nog lekker lokaal. Veel Costa Ricanen in plaats van Amerikanen die een toko zijn begonnen. Ik voel hier voor het allereerst een stukje authenticiteit. Zoveel fietsen maak dorstig, dus een imperialletje (lokaal biertje) is snel besteld. Op de terugweg probeert Klaas me nog te verleiden door een ordinaire luiaard aan te wijzen die ergens in een boom hangt, in de hoop daarmee de weddenschap te winnen. Euhhh dag Klaas….mijn leguaan van dik 2 meter is de absolute winnaar vandaag.

We besluiten vanavond lekker thuis te blijven en zelf te koken en op onze laatste avond te genieten van onze jungle hut and to make some sweet jungle love :-0

We gooien ondertussen al onze kleren in de wasmachine en droger van Janet, ik pleur er een fles wasverzachter bij en straks hebben we weer heerlijk droge en frisse kleren. Ondertussen kookt Klaas een heerlijke pasta Bolognese met lokale ingrediënten. Ik eet mijn vingers erbij op en drink weer teveel rode wijn.











En nog wat losse pica's




Geen opmerkingen:

Een reactie posten