We zijn koud een kwartiertje en route en de zon breekt al
vol door. Bizar hoor die scheidslijn tussen regen en lekker weer (lees: Pacific vs
Carribean). We zetten de raampjes wagenwijd open, warme droge lucht waait door
de auto. Oooh wat zalig, wat kan warmte eens mens toch goed doen. De route die
we rijden naar Brasilito voert ons exact langs een schitterende waterval. Pip
en Donald gaven deze highlight nog als een laatste tip mee. We hebben alle tijd
en willen vooral heel erg graag uiteindelijk toch nog een waterval meemaken. En
dat blijkt geen verkeerde keuze. We parkeren de auto. Een mannetje komt
aanstrompelen en geeft ons een blaadje met daarop 2$ geschreven (natuurlijk is
er weer een slimmerik die op een verlaten stuk niemandsland een stoel heeft
neergezet en besloten heeft aan iedereen geld te vragen voor het parkeren).
We
lopen een paar minuten via een kronkelweggetje naar de waterval. Pfff wat ziet
die er heerlijk verfrissend uitz. Het is er niet druk en het water is kraakhelder.
Ik spring er meteen in..oooh zalig! Klaas en ik spetteren er saampjes even
driftig op los, maken een selfie voor op de muur in onze gang en zetten vervolgens
de reis naar onze strandvakantie voort. Het wordt een heerlijke roadtrip van
dik drie uur. Als we Brasilito inrijden voelen we ons meteen thuis; ‘n lekker
laid back dorpje met veel kleine winkeltjes, soda’s (kleine typische Costa
Ricaanse eethuisjes) en overal een schitterend uitzicht op een fonkelend
azuurblauwe zee. We rijden in een keer naar La Quinta Esencia, ons onderkomen
voor drie nachten. Bij de eerste aanblik van deze Bed & Breakfast maakt
mijn hart een sprongetje. Wat ziet het er leuk en hip uit. Zo anders! Als we de auto stilzetten komt een vrolijkerd met half lang blond kullend haar ons tegemoet lopen. Het is Jerome, de eigenaar. Jerome ken ik eigenlijk al. Tien minuten nadat ik op Booking.com had geboekt, heeft hij me een persoonlijk mailtje gestuurd om me te bedanken voor de boeking. Dat vind ik zo onwijs leuk en betrokken. Hij heet ons welkom. Heerlijk om weer even Frans te spreken. Het klikt meteen en als Jerome ons de kamer (ze hebben er maar vier) laat zien, geloof ik mijn ogen niet. Wat een ruime, frisse super leuk ingerichte ruimte. En dat voor -Costa Ricaanse begrippen- relatief een heel schappelijk bedrag van 70$ per nacht, met ontbijt. Jerome stelt ons voor aan zijn vriendin Stephanie en we kletsen meteen elkaar de oren van het hoofd. Jerome en Stephanie zijn beiden gescheiden en hebben samen de grote stap gewaagd om alles in Frankrijk achter te laten (Jerome verkocht een aantal opticien zaken en Stephanie hing haar baan als verpleegkundige aan de wilgen). De twee kids van Stephanie en de oudste dochter van Jerome zijn meegekomen en gaan in Brasilito naar een privéschool waar ze het ontzettend naar hun zin hebben. Ik heb tot nu toe totaal niet begrepen waarom mensen hier zouden willen wonen, maar hoe deze samengestelde familie het voor elkaar heeft, prachtig huis, mooie B&B, fijn dorpje, altijd mooi weer, kan ik me er toch wel wat bij voorstellen.
Stephanie geeft ons een zelfgetekende kaart van het
dorpje en vertelt ons waar we lekker (en goedkoop) kunnen eten. We gaan meteen
op pad, bikini aan en op zoek naar een lekker gegrild visje, we rammelen.
Op het strand van Brasilito zit een leuk vistentje waar
we met de voeten in het warme zand van een gegrild visje en biertje genieten.
Na dit koningsmaal lopen we over het strand van Brasilito naar het aanpalende
strand Conchal. Hèt strand in deze regio. Klopt! Een baai verder en voor ons
ligt een parelwit fijn zandstrand met een nog blauwere zee. Het is nog steeds
geen Thailand, maar het is absoluut mooi. We rennen de zee in (eerst onze
spullen bij iemand in veiligheid gebracht-nooit je spullen onbewaakt ergens
leggen) waarbij ik een totaal verkeerde inschatting van de golven maak en
meteen wordt meegezogen, drie keer over de kop ga, om proestend weer boven te
komen. Klaas piest zowat in zijn broek van het lachen. Mijn haar, dat ik zo
angstvallig altijd droog wil houden, is natuurlijk zeiknat, mijn oren zitten
potdicht en mijn neus is lekker doorgespoeld. We drogen op en slenteren op
standje vakantie naar huis. We pakken de auto om wat boodschappen te doen (bier
en wijn) en geld te pinnen. Dat laatste is weer een gedoe. Een automaat is
buiten gebruik, de andere spuugt geen dollars uit en bij de derde kunnen we
maar een minimaal bedragje aan dollars pinnen. Mega irritant. Het is zondag,
duw waarschijnlijk zijn de atm’s morgen weer bijgevuld.
We zitten zalig op het dakterras van La
Quinta Esencia. Wijntje erbij, boekje, zalig briesje. Na 13 dagen is het dan
toch eindelijk zover, de vakantiemodus is gevonden. ’s Avonds gaan we op zoek
naar een leuk eettentje. Er is niet bar veel te vinden in Brasilito. We lopen
best een paar rondjes, maar ik vind het nergens echt leuk. Na al onze reizen zijn dit van die breekmomenten weten Klaas en ik nu. Ik heb een idee in mijn hoofd hoe
ik het wil en dat is niet te vinden. Ik raak geïrriteerd en besluit
uiteindelijk nergens meer te willen eten. Ondanks de afspraken die we in de loop
van de tijd hebben gemaakt om deze situaties te voorkomen, lukt het deze keer
bijna niet. Klaas grijpt even op z’n Klaas' in, gaat bij de drukste soda zitten,
weliswaar de meest ongezellige tl-verlichte tent, maar wanneer onze buurman in
het Engels ongevraagd aangeeft dat ze heerlijke visschotels hebben, geloof ik
dat het wel goed gaat komen. En hoe. Voor 20$ krijgen we een hele schaal met
allerlei soorten vis (waaronder kreeft en krab) in een heerlijke saus. Het ziet
er niet 123 heel appetijtelijk uit zo met het blote oog, maar het is zalig.
Eind goed, al goed.
De rest van de avond lezen we nog lekker op het upper
deck en slapen goed. We hebben een mega kingsize bed, airco en het is doodstil.
15
januari
Als we ’s ochtends de deur open doen worden we weer
helemaal blij. Er staan vier tafeltjes op het terras opgesteld, fraai gedekt.
Jerome legt uit dat er versgebakken zelfgemaakt stokbrood is, er voor iedereen
een bord geschild fruit en een fles vers geperste jus d’orange in de koelkast
staan, vier soorten cereals en yoghurt en huisgemaakte confiture (maar liefst
zes verschillende soorten). WOW! Wat een geweldig ontbijt en super start van de dag. We genieten er enorm
van en zitten tot de middag daar aan ons tafeltje een beetje koffietjes te drinken
(echt lekkere koffie) een boekje te lezen en onze reisplannen voor de rest van
de vakantie op internet te plannen.
De middags gaan we lekker zonnen, zwemmen en een visje
eten op playa Conchal bij het BBQ stalletje van Mamita. Milena (bijnaam dus Mamita)
is een enorme maar dan ook echt enorme dikke Tika (zo worden Costa Ricanen
genoemd) die dagelijks een brakke BBQ aansteekt en vanuit haar auto met grote achterbak
met daarin een hoop koelboxen, een portable restaurant bestiert. Jerome en
Stephanie hebben ons aangeraden daar een visje te gaan eten. Ook verhuurt Mamita
strandstoelen en parasols. Twee (brakke half kapotte) stoelen en een parasol
kosten 16$ per dag. Ik vind het belachelijk veel geld voor een paar uurtjes.
Als Klaas de naam van Stephanie en Jerome noemt, zakt de prijs wel naar 10$.
Nou vooruit, doen we. We bestellen ook beiden een visje en twee biertjes. Maar
eerst facetime ik papa en Lonneke, die ook bij hem in Geldrop is. Precies een
jaar geleden is mama overleden en ik vind het heel erg dat ik niet bij hen kan zijn op deze rare dag. Afgelopen nachten heb ik rare en
beklemmende dromen gehad die over haar gingen. Steeds weer dat ene issue; dat
ze geen vrede heeft met de situatie en dat ze enorm boos is over dat haar dit moet
overkomen (wat ik heel goed kan begrijpen). Ik heb me tijdens haar hele
ziekteproces vaak onmachtig gevoeld om zoveel dingen. Niet met
haar kunnen praten over de naderende dood, weigerde ze pertinent, maar haar ook niet te kunnen
helpen met het lot dat haar beschoren is. Een stukje acceptatie, daar had ik
veel voor over gehad. Het is echt leuk en fijn om Lon en papa weer even live te
zien. Beiden zijn gelukkig opgewekt. De zus van mama, tante Ton en haar man Maarten
zijn ook op bezoek. Later die avond gaan ze gezellig gezamenlijk uiteten wat me
een fijn gevoel geeft. Voor hen is het weer leuk ons op het strand te zien.
Lang leve mijn Costa Ricaanse simkaart. Die investering van 20$ voor onbeperkt
internetten (nou ja 3 gig –waarvan ik er bij vertrek 1,5 overhoud) en bellen is
zo handig!
Waar waren we gebleven, oja, de lunch: Klaas krijgt een
lel van een vis geserveerd, ik kom er een stuk bekaaider vanaf. De vis wordt
geserveerd met twee droge tortilla’s, een klodder mayo en curry en een
eierdopje salade. Het is lekker, en het heeft zeker wel wat om zo op het strand
een in een visje prikken, maar als we later bijna 40$ mogen aftikken, vind ik
het toch opeens een heel stuk minder leuk. Lekker primitief doen voor de
hoofdprijs. Het past ook weer helemaal in dit land. We hebben zojuist twee keer
zoveel betaald als de dag ervoor, in een echt visrestaurant, met veel meer
lekkere dingetjes. Later op de avond vraag ik Steph en Jerome wat zij eigenlijk
betalen als ze bij Mamita aanschuiven. Ik kan me namelijk niet voorstellen dat
zij bereid zijn zulke bedragen te betalen. Het blijkt inderdaad significant
minder te zijn dan wij neerlegden. En zo weet je weer even heel goed dat je een
enorme toerist bent die vette dollartekens op zijn voorhoofd heeft staan en ze
ook nog betaalt ook nog..stom!
Net als de dag ervoor drinken we lekker op ons terras een
aperitiefje en eten erna in een pizzeria, driehonderd meter van onze B&B een
–echte- Italiaanse pizza. De eigenaar is nl. Italiaan en dat proef je, lekker!
De tent zit schijnbaar iedere dag stampvol met vooral Amerikanen (in
Hawaiishirt met strohoed). Veel USA residenten hebben hier een tweede huis, we
zien er heel veel te koop staan; de real estate is hier big business.
We bespreken de plannen voor de rest van de vakantie. We
willen dolgraag naar Drake Bay, helemaal aan de andere kant van Costa Rica. Het schijnt het daar lekker rauw te zijn met de meest goddelijke strandjes en
wandelmogelijkheden. We googelen ons suf op fraaie accommodaties maar als
Klaas, de slimmerd, even naar de weersverwachtingen kijkt, betrekt zijn
gezicht. Er komt een gigantisch lage druk gebied aan dat heel Costa Rica zal
beïnvloeden (behalve het stukje peninsula waar wij nu zitten). Aankomende week
heel veel regen, ook aan de Pacific zijde. Ik geloof het niet. Wat een k…zooi!
Moeten we weer de reisplannen omgooien en zijn we eigenlijk genoodzaakt in dit
gebied te blijven. We besluiten het even te laten rusten, in ieder geval een
dag extra te boeken waar we nu zitten. Niet erg, best fijn wel.
Of het nu komt van de verschillende soorten wijn (niet
veel, maar wel drie verschillende soorten druiven) die ik door elkaar heb
gedronken of was het visje van Mamita, het doet er verder niet toe, ik slaap
slecht en voel me de hele nacht niet lekker.
16
januari
Ik word misselijk wakker. Getver, hier heb ik dus echt
geen zin in. Moet ik nu echt mijn vingers in mijn keel stoppen om de boel eruit
laten komen, maar daar ben ik gewoon heel slecht in dus besluit ik de natuur maar
op zijn beloop te laten, met het gevolg dat ik de hele dag verre van fit ben en
geen enkele zin heb in eten, laat staan een alcoholische versnapering tot me te
nemen. Mijn lever is er in ieder geval een dagje heel blij mee.
In de middag gaan we een ander strandje ontdekken, playa
Flamingo, op een dikke 10 minuten rijden. Het is een prachtig wit strand,
kleiner en smaller en met meer bomen waardoor je heerlijk in de schaduw kunt
liggen. Er staan ook bedjes, waarschijnlijk van het hotel aan de andere kan van
de straat. Als we ons willen installeren in het zand, worden we door twee Amerikanen
gewenkt die ons hun bedje aanbieden, zij gaan ervandoor. En zo liggen we een
paar minuten later heerlijk te relaxen. Het zwemmen is en blijft een beetje een
onderneming want er zijn altijd golfen en ook best behoorlijk pittige.
Nietszeggend dobberen is hier niet in zwang, er zal gewerkt moeten worden daar
in die azuurblauwe zee.
Als ik op mijn bedje een beetje lig te dommelen, roept
Klaas, ‘El, El, kom snel, neem je iPhone mee !!’ (Grappig, vroeger riep je om een
camera, nu roep je om je telefoon). Een paar meter naast ons stekje staan een
paar toeristen en Tico’s naar de grond te kijken onderwijl uitzinnig
vreugdekreten uit te stoten. Als ik me bij hen voeg, geloof ik mijn ogen amper.
Uit een klein gaatje in het strand kruipt het ene na het andere schildpadje. We
zijn met een klein groepje mensen getuige van de geboorte van tientallen nieuwe
zeebewoners. Ik kraai het uit van plezier. Het voelt als een groot cadeau dat
ons wordt geschonken in ruil voor al die minder goede tijden.
Het is een spektakel van jewelste. De kleine boefjes duwen zich uit het gat, flapperen met hun flippertjes (hoe heten die dingen?) en waggelen met nog wat onvaste flippertjes wel linea recta naar de zee. Het is nog zeker een meter of tien voor ze een kans maken te overleven. De eerste lichting die is geboren, rent redelijk snel naar de zee, maar al snel gaat het tempo drastisch naar beneden. Helaas kan zoiets bijzonders als dit in Costa Rica niet zonder gedoe verlopen. Het absurde in dit verhaal is dat niet de onwetende domme toerist de boel verstiert, maar gewoon de lokale bevolking. Door de schildpadjes met de hand uit het ‘nest’ te halen (lees: rukken) en de naar de zee te brengen, sterven de schilpadjes onmiddellijk. Ik, samen met Klaas en twee Amerikaanse vrouwen (achter in de 60, strak gebotoxed, zonneklep met getoupeerd haar eruit, Tom Ford zonnebril, Ralph Lauren polo zonder mouwtjes) gillen het uit: NO NO NO DON’T TOUCH THE TURTLES.
Ondertussen zijn ‘de goeien’ in allerijl aan het zorgen
dat de schildpadjes het strand bereiken door geultjes te graven zodat ze in een
rechte lijn naar zee kunnen lopen. Aan beide zijdes van de geul staat inmiddels
een aardige rij toeristen te roepen: ‘Come on, you can do it. Almost there. Run
Forest, run!! Het is hilarisch, maar vooral hartverwarmend om jong en oud met
zoveel betrokkenheid deze wonderlijke gebeurtenis gade te zien slaan. Uiteindelijk
na een klein uur zijn alle (nou ja dat weet je nooit, wie weet had hij nog wel
ergens een scharrel) nazaten van Lonesome
George geboren en nemen we de schade op. Op de helletocht naar zee heeft
zo’n 20% het niet gered, dus pak ‘m beet twintig zeemansgrafjes. Best een beetje
triest, maar een local weet me te vertellen dat normaliter maar 5% van zo’n
nest het overleeft en dat ze van geluk mogen spreken dat wij er waren, omdat het
anders helemaal was opgevreten door roofvogels (normaal worden schilpadden ’s
nachts geboren, het was dus hoogst ongewoon dat het overdag gebeurde.) Joepie,
wij een keer vet geluk.
Het was een prachtige middag. De rest van de dag, daar
kan ik eigenlijk gewoon kort over zijn. Ik voel me zo niet fit, het is
eigenlijk gewoon zo dat ik om 18:00 uur naar bed ben gegaan met een hele dikke
vette valium en 3 paracetamols. Ik vind het enorm zielig en niet gezellig voor
Klaasie, maar ik lig eraf en hoe rotter ik me voel, hoe meer ik Mamita ervan
verdenk me een rotte vis verkocht te hebben (Klaas geeft later ook toe enorm
aan den dunne te zijn..haaa, zie je wel…het enige dat we hetzelfde hebben
gegeten is die kutvis!).
Ik slaap 12 uur aan een stuk door. Dat is heel, heel lang
geleden dat ik zo lang heb geslapen. De afgelopen maanden waren ook best een
rollercoaster. Een klus voor UTC, BNN-VARA en fulltime snoeihard werken bij ROC
TOP. Het zijn alle drie klussen die al mijn aandacht hebben gevraagd op diverse
gebieden. En wanneer
dan drie uur voor je op vakantie gaat, de hele reis wordt gecancelled, zorgt
dat ook voor best wel wat spanningen (euhhh zacht uitgedrukt hè Klaas?)
17
januari
Wanneer de schone slaapster om een uurtje of 08:00 de
oogleden opent, knipper, knipper, voelt ze zich eigenlijk,,..nee echt,
heerlijk. Pfffieeeh wat ben ik opgelucht, ik voel me werkelijk weer kiplekker.
En daarom zit ik dan ook in no time aan de ontbijttafel, HONGER!
Mjam even goed ontbijten. Ik rooster lekker het
zelfgebakken brood en smeer er Skippy op…een warme witte boterham met
pindakaas, rrrrrrr mmmmmmm!
De rest van de dag doen we waar we goed in geworden zijn;
the same old story: (ik weet het, mijn verhalen worden met de dag saaier), we
gaan lekker naar het strand. Dit keer gaan we op zoek naar twee andere geheime
paradijsjes (Minas & Pirate Bay). Het is even rijden en onze 4 x 4 moet heel
hard werken, maar uiteindelijk belanden we wel bij iets dat veel wegheeft van
waar Tom Hanks zijn ‘Cast Away’ opgenomen kan hebben. Er is namelijk niemand.
We hangen onze kleren aan een paar bomen (ideaal die begroeiing op het strand)
en rennen met een eeuwig schuin oog op onze spullen,
-want het is en blijft wel Costa Rica- de golven in. Ook
hier weer even door de woeste baren akkeren om erna heerlijk een beetje wezenloos
op je rug naar de knetterblauwe lucht te kijken.
Nadat we opgedroogd zijn rijden we naar het andere strand
(Pirate Bay) dat niet zo mooi is. Wel is er een restaurant waar ik een ijskoude
verse passievruchtensap drink. De lucht betrekt en hele dagen op het strand
hangen is niet meer zo aan ons besteed. We besluiten lekker weer naar onze
eigen casa terug te gaan. Ze hebben er een mini zwembadje, buitendouche en
heerlijke hangmatten. De rest van de middag hangen we heerlijk te relaxen.
Ik
vind Het Puttertje van Donna Tartt best okay lezen en Klaas is inmiddels
helemaal hooked on Jo Nesbø. We dineren ook thuis. We halen bij de Italiaan
lekker pasta, zetten een tafel op het terras, ‘n kaarsje aan, koud glas witte
wijn. Ik zeg: niets meer aan doen. We besluiten tijdens het diner dat we verder
de peninsula gaan afzakken naar Mal Pais. Een klein stranddorpje dat vooral
door golfsurfers wordt bezocht. We denken dat er een gemoedelijke en relaxte beach crowd vibe hangt. Wel is
het weer een behoorlijk gezoek naar de juiste (betaalbare) accommodatie. Fuck
wat is alles duur als je niet in hostelachtige toestanden wilt belanden. Ik heb
al wel een paar trucjes uitgevogeld. Het gros van de accommodaties is te boeken
via Booking.com en de prijzen op deze website zijn altijd scherper dan die op
de website van de accommodatie zelf. Door ze op te bellen en aan te geven dat
je op Booking.com wilt gaan boeken, maar dat je het zonde vindt dat zij
daarvoor een commissie moeten betalen, stel je voor te onderhandelen over de
prijs mits we Booking eruit laten. En dat werkt tot nu toe altijd. We hebben
ons oog laten vallen op het Indigo Yoga & Surf resort dat recentelijk is
overgenomen door een Zweeds/Italiaans stel dat er een prachtig complexje van
heeft gemaakt. De prijs op hun website voor een kamer is 120$ per nacht. Op
boeking kost deze 95$ en na een belletje met de eigenares kunnen we er voor 85$
in. Nog steeds een klap geld, maar goed, dit zijn nou eenmaal de prijzen hier.
18
januari
Er is een tijd van komen, en een van gaan. En deze
laatste is nu aangebroken. We gooien alles in de achterbak, lang leve de enorme
SUV, knuffelen Jerome gedag (Steef staat helaas onder de douche), zwaaien heel hard en
tuffen Brasilito uit.
Wij reizen al de hele vakantie met onze telefoon als TomTom.
Klaas heeft een briljante app gevonden “Pocket Earth’ die alle wegen op de hele
wereld weergeeft. Ik durf zelfs te beweren dat deze app nauwkeuriger is dan een
Garmin of TomTom. Het huren van een Garmin kost minstens 10$ per dag, en dat is
dus helemaal niet nodig als je in het bezit bent van een smartphone. De grote
grap is dus dat de app offline werkt. Je laadt vooraf de gratis kaart(en) van
het gebied waar je gaat reizen via wifi of via een lokale simkaart, en dan kun
je zonder data te verbruiken je telefoon als navigeerapparaat gebruiken. Wat
een vondst, overal op de hele wereld kun je dus de weg voortaan vinden, ideaal!
Klaas heeft vooraf de route bekeken en we verwachten een
dikke drie uur erover te doen. Het is hartstikke rustig op de weg, geen
vrachtwagens want het is zondag. Op een gegeven moment houdt het asfalt op en
begint een onverharde kiezelweg. Mmmm dit is dan niet de goede weg. Er zijn
echter een paar mogelijkheden om in Mal Pais te komen en de andere mogelijkheid
ligt 10 kilometer terug. We keren om, tuffen terug en vragen in een supermarktje of dit
de weg naar Mal Pais is? Si..si si…! Apart, ook deze weg is onverhard. Nouja we
gaan maar rijden. Het is 60 km naar Mal Pais. De natuur is echt prachtig en er
zijn amper mensen die we tegen komen. Onderweg zien we veel wild, waaronder
twee enorme leguanen die met elkaar vechten.
Klaas filmt ze van akelig dichtbij…mij niet gezien…ik blijf lekker in de auto zitten. Op een gegeven moment moeten we ook een rivier oversteken. Het water komt tot aan mijn kuiten, no problemo voor onze Tucson. Het water is kraakhelder en lekker fris. Ik trek snel mijn bikini aan en ga er even languit inliggen, geluksmomentjes moet je zelf pakken. We rijden verder en de weg blijft onverhard. Mmmm,.. dit had Klaas zich toch wel anders voorgesteld. Het geeft niet, maar het is wel duidelijk dat dit NIET de goede weg is. Aan de eerste de beste tegenligger vragen we of dit toch wel echt de weg naar Mal Pais is. En alweer si si! Bij een klein idyllisch dorpje koop ik een ijsje (mijn eerste deze vakantie!) vragen we hoe lang het nog rijden is. Nog een uur. De eigenaar legt uit dat we nog wel een flinke rivier moeten oversteken. Hij geeft Klaas de tip om in de eerste versnelling met pit te blijven doorrijden en zeker niet te stoppen. Nou spannend hoor. We hobbelen op laag tempo voort en arriveren halverwege inderdaad bij een forse rivier.
Klaas springt erin en verkent de bodem en de diepte. Gelukkig komt er net een jeepje aanrijden die rucksichloos het water inrijdt en vrij gemakkelijk de overkant bereikt. Het is dus mogelijk. Dat sterkt Klaas die er meteen achteraan rijdt en de auto behendig over de kleine steentjes manoeuvreert. Zohoo dat doet ‘ie goed. Vast veel Top Gear gekeken. Uiteindelijk heeft deze route een half uurtje langer geduurd, maar het scheelde wel 30 km in lengte en het is by far de mooiste weg die we tot nu toe hebben gereden. Mijn ingewanden zitten nu wel helemaal ondersteboven en verdraaid in mijn lichaam, maar dat is de prijs die ik graag betaal voor een off the beaten path avontuur.
Als we in Mal Pais aankomen voelt het meteen goed. Het is er wel enorm stoffig. Net als in Puerto Viejo, ligt Mal Pais, samen met Santa Teresa aan een lange smalle weg die parallel aan het strand loopt. De weg verkeert in een super slechte conditie. Overal gaten in het asfalt, als er überhaupt als asfalt ligt. Men vindt het hier leuk om als bezetenen op quads te scheuren (je weet wel, van die brommerdingen op vier dikke wielen) waardoor er boven de weg altijd een dikke stofwolk hangt. Daarom loopt iedereen hier met een skibril rond wat natuurlijk een belachelijk gezicht is. Doodzonde die quads en motoren in dit kleine paradijsje. Alle eettentjes liggen naast de weg, je zit er dus altijd in de tering herrie en stank. Jammer dat er niemand het initiatief neemt de weg te verbeteren en quads te verbieden. Puerto Viejo (andere kant van het land) is het perfecte voorbeeld hoe leuk en gemoedelijk de sfeer is wanneer iedereen de fiets als vervoermiddel gebruikt.
We zijn aangenaam verrast als Francisca, de eigenaresse van het Indigo resort, ons geboekte ‘Monkey’ appartement laat zien. Het is met smaak ingericht.
Gepolijste
betonnen vloer, terras en buitendouche met zitje. Twee grote prachtige
opgemaakte bedden en een klein keukentje. Ideaal.We zijn aangenaam verrast als Francisca, de eigenaresse van het Indigo resort, ons geboekte ‘Monkey’ appartement laat zien. Het is met smaak ingericht.
We gaan
opgelucht slapen en liggen heerlijk. Wat een zalig bed en wat een mooi huisje,
wat jammer dat het zo druk is en we zo op andermans lip zitten, anders was dit
true paradise.
19 januari
Ik sta
om 07:00 uur op. Het is nu heerlijk stil overal. Ik pak mijn laptop en werk zalig
ontspannen aan mijn blog. De prachtig aangelegde tuin van het resort baadt in
het vroege ochtendzonlicht, de vogels kwetteren, de apen hoor ik grommen. Klaas
is ondertussen wakker en zet op Costa Ricaanse wijze koffie (met een katoenen
puntzak), snijdt allerlei vruchten in hapklare brokken en schept de yoghurt in
bakjes. Tijdens het ontbijt overleggen we wat we gaan doen met alle
boodschappen die wel al in huis hebben gehaald. Nu we geen keuken meer hebben,
is dat toch wel lastig. Praktisch zijn we wel. We besluiten zoveel mogelijk
voor te bereiden en mee te nemen naar Naranja. We koken pasta en eieren zodat
we salades kunnen bereiden.
Klaas
is zo attent om Francesca te gaan vertellen dat we weer vertrekken. Ik voel me
dan zo opgelaten, Klaas heeft daar gelukkig minder moeite mee, iets dat ik zo
in hem waardeer. Ze snapt ons gelukkig helemaal. Momenteel is het erg druk en
zijn er best veel kinderen, normaal nooit. Het restaurant dat zo’n harde muziek
draait, houdt op te bestaan en deze week wordt er non stop een groot
afscheidsfeest gehouden, vandaar de herrie. Ach ja, wat moeten we zeggen? Het
begint een beetje lachwekkend te worden, hoe onze vakantie loopt. We
laden alles weer in en rijden om 11:00 uur naar Vista Naranja waar we helaas
nog niet welkom zijn. Inchecktijd 14:00 uur, blaft de geïrriteerde eigenaar
(typisch Italiaans mannetje, ik vind hem meteen ontzettend stom). Hij hanteert
een totaal andere toon dan zijn lieftallige vrouw die ik de avond ervoor aan de
telefoon had. Klaas vraagt of we onze spullen dan wel in de koelkast mogen
leggen. Dat kan, maar hij vindt het allemaal maar heel veel gedoe maak ik op
uit zijn blik en body language. Italianen en hun maniertjes, woehahaha.
We
rijden naar de ‘secret beach’. Francesca heeft ons de dag ervoor uitgelegd dat
dit een mooi en rustig strand is. We vinden het vrij makkelijk, maar zijn er ook
weer vrij snel weer weg omdat er zoveel stenen in zee liggen, zijn we bang alles
open te halen. Jammer. We rijden door naar Playa Carmen, het strand van Mal
Pais. Prima strand, niet zo mooi als dat bij Brasilito, maar het is leuk om al
die golfsurfers bezig te zien. Het brengt een sportief sfeertje met zich mee en
het is een verademing om eens wat mooie lichamen te bekijken. De meeste mensen
zien er hier topfit uit en ik verdraai een aantal keer bijna mijn nek.
We
lunchen in soda Amistad. Er zitten veel mensen en het is er goedkoop. Klaas
bestelt een gegrilde hele vis en ik probeer duidelijk te maken dat ik wel een
bord met stukken gemengde vis wil. Na een uur krijgt Klaas zijn vis (prima
visje), maar mijn eten laat nog zeker twintig minuten op zich wachten. Wat er
vervolgens op mijn bord ligt, ziet er veel minder spectaculair uit. Zompige
fishchips met koude friet. Ik eet het niet op en laat de serveerster die alleen
Spaans verstaat weten –ideaal de google translate app- dat het niet okay is en
vraag de rekening. Die blijkt veel hoger te zijn dan we hebben uitgerekend.
Klaas gaat overleggen. Een enorm mislukte en extreem dikke travestiet die de
kassa bestiert, legt uit dat ze een paar dollars extra hebben berekend omdat
Klaas een grote vis heeft gekregen. Deze extreem slechte smoes kennen we nog
niet. Als ik probeer te vertellen dat er toch echt op de kaart staat dat het
een vast bedrag is voor een vis en ze mij daarnaast ook nog eens een oor hebben
aangenaaid met dat vieze bord eten, begint ‘het’ te schreeuwen en gebaart ons met
een absurde felheid weg te gaan. Verbouwereerd betalen we -stom als we zijn-
het hele bedrag minus de extra viskosten. Als ik wegloop vraag ik Klaas
waarom we eigenlijk ook mijn bord eten hebben betaald? Het loopt uit op een
discussie die nergens op slaat en we leggen het gelukkig snel bij.
Omdat
we al dat golfsurfen maar al te leuk vinden, besluiten we de dag erop een les
te nemen. We gaan naar de surfschool van Francesca haar Zweedse man (hele goede
recensies) leggen 90$ neer om de volgende dag om 10 uur onze eerste les te
krijgen. Leuk!
Halverwege
de middag gaan we op weg naar ons nieuwe onderkomen. Eerst kopen we nog even
wat huishoudelijke dingetjes zoals bakjes, borden en bestek. Zo kunnen we zelf
een beetje ons eten in elkaar klussen zonder keuken. Het is een kleine klim van
zo’n vijf minuutjes met de Tucson. En joepie, we mogen nu wel in onze kamer. Onze
tassen staan er al en ons eten ligt koud te wezen in de
koelkast. De kamer is geweldig en het terras met gelakte houten vloer en enorme
loungebank, zijn waanzinnig. We zitten op de hoek en hebben een geweldig
uitzicht en vangen van twee kanten wind. Wat een heerlijke stek hebben we hier!
We eten de zo/zo salade die we over hebben van de avond ervoor, maar met
gekoelde rode wijn op dit terras, met dit uitzicht, een paar kaarsjes voor de
romance, en het smaakt allemaal even lekker. De rest van de avond liggen we met
ons boek en een fles wijn helemaal op te stijgen van genot. Het is hier fijn.
Gelukkig duurt dit nog twee volle dagen.
20 januari
We
flansen met een redelijk gemak een prima ontbijtje in elkaar (who needs a
kitchen anyway?) en rijden om half 10 naar Nanu, onze surfschool. Daar wacht
onze instructrice Michelle, een knappe Tico dame, -Klaas ogen op steeltjes-, ons op. We maken verder kennis
met Matthijs (Math) een Amerikaan met een Nederlandse vader. Grappig. We moeten
alle spullen in de surfshop achterlaten, ons heel goed insmeren met zonnebrand,
een rashguard aan (beschermtruitje) en een board mee. En een paar minuten later
loop ik met een knalroze giga groot beginnersboard de winkel uit. Fuck wat is
dat ding zwaar. Ik krijg mijn arm er amper omheen en ik val er bijna van om.
Klaas ziet mij worstelen en roept gelijk: ’El, we moeten gewoon meteen heel
goed worden, dan wordt het heel makkelijk, die pro boards wegen geen drol en
zijn minstens de helft kleiner’.
En dan
gaat het gebeuren, we gaan de zee in. Een voor een moeten we de zojuist
geleerde theorie in de praktijk gaan brengen. Ik mag als eerste, jeuujjjj, not!
Ze houdt mijn board vast, ik klauter erop (da’s niet moeilijk, geloof me). Ik
ga liggen zoals ik heb geleerd -armen als kippenpootjes- en als de golf komt,
roept Michelle heel hard: ‘Peddle, Alex*, peddle, peddle, and NOW STAND UP…’
Tja,.. en dat lukte dus, nee echt! Ik sta er zeker 3 secondes in vol ornaat op. (Elles kunnen ze niet uitspreken, ik heet in
Costa Rica, Alex).
Afijn,
ik noem het gewoon beginners luck, dat ik dus even op dat roze geval stond,
maar ik ben wel super blij. Klaas gaat echt als een malle. Al had ik eigenlijk
niet anders verwacht van mijn sketje met al zijn snow & skateboard
ervaring. De rest van de les, van in totaal anderhalf uur, ploeteren we gedrielijk vrolijk voort. Het is
enorm moeilijk, zij het onmogelijk, maar het is wel leuk! Al vinden Klaas en ik
het beiden wel vrij frustrerend dat een ‘ride in the waves’ hoogstens 20
seconden duurt (als je pro bent) en je vervolgens wel weer minuten lang bezig
bent om jezelf weer in de juiste positie te peddelen. Golfsurfen vergt dus, om het
verhaal af te breien, heel veel energie, discipline en vroeg opstaan.
We
mogen het board de hele dag houden. Verrassing, wat fijn! We zijn na de les
echter zo moe dat we eerst wat gaan eten. Dat doen we in ‘The Bakery’. Wat een
feest is dat geweest zeg. Het is volgens velen de enige echte goede bakkerij in
Costa Rica. Ik bestel de Carribean pancakes (krijg zeven kleine opeengestapelde
pannenkoeken met exotische vruchten, room en kokosrasp) en een rode vruchten
smoothie. Poeh jongens, maak me er nog maar een keer wakker voor…wat was dit
ontiegelijk lekker! De rest van de middag lig ik er helemaal af. Ik val zelfs
bijna in slaap. Voor de vorm proberen we aan het einde van de middag toch nog
even met ons board het water op te gaan, maar de golven zijn echt veel te heftig.
Ik val meteen en haal mijn beide knieën open. Jantje lacht, Jantje huilt. Ik kap
ermee. Ik ben te moe. Sta ik nou -gvd- om de dag in de sportschool me af te
beulen om nu als een watje het strijdtoneel te moeten verlaten? Ja dus!
Klaas
vindt het nog wel leuk, maar ook hij staat na een kwartier uitgeteld naast me.
Dit zijn ook voor hem te heftige golven. Hup surfboard terug naar de winkel, vol zand in de auto, naar huis. Douche, wijn, bier en een goed boek.
Over een paar dagen meer nieuws, vanuit Miami!






Geen opmerkingen:
Een reactie posten